skip to Main Content

Cognitie gaat over het geheugen en denkvermogen. Het woord cognitie komt van het Latijnse ‘cognoscere’, wat kennen of weten betekent. Zo’n 65% van alle mensen met MS krijgt te maken met lichte tot matige cognitieve problemen. Daarbij moet je denken aan problemen bij:

  • je aandacht ergens op richten, je aandacht behouden en verdelen; 
  • leren en onthouden; 
  • denken, redeneren en problemen oplossen; 
  • activiteiten plannen, uitvoeren en volgen;
  • taal gebruiken en begrijpen; 
  • objecten herkennen, zaken combineren en afstanden beoordelen. 

Welke cognitieve problemen komen het meest voor?

Aandacht, concentratie, snelheid en leren & onthouden 

De eerste symptomen zijn vaak dat je afspraken niet kunt onthouden, gesprekken niet kunt herinneren en je niet kunt (blijven) concentreren op de dingen waarmee je bezig bent. Veel mensen beschrijven het als: met denken niet zo snel meer zijn als normaal. Zij kunnen nog steeds hun taken doen, maar het kost moeite en meer tijd. Uit onderzoek blijkt ook dat mensen vaak informatie langzamer verwerken en oproepen. 

Problemen oplossen en activiteiten plannen & uitvoeren

Het kan ook zijn dat je het moeilijk vindt om plannen te maken en problemen op te lossenJe weet wel wat je wilt doen, maar niet waar je moet beginnen. Problemen met plannen, structureren en overzicht houdenkunnen verwarring, spanning en stress geven. En dat kan dan weer andere klachten veroorzaken. 

Woorden zoeken

Een ander probleem dat veel voorkomt, is dat je niet op de juiste woorden kunt komenDit kan met name tijdens een gesprek vervelend zijn. Bijvoorbeeld als het te lang duurt voordat je het woord hebt gevonden, waardoor het gesprek alweer ergens anders over gaatOf je zegt een verkeerd woord, wat voor verwarring kan zorgen. 

Net als bij andere MS-klachten zijn cognitieve problemen de ene keer erger dan de andere. Uiteraard krijg ook niet iedereen met MS met alle eerdergenoemde klachten te maken. Zo komen problemen met waarnemen en afstand schatten niet zo veel voor.  

Lees hier meer over cognitieve problemen bij MS…  

Wat zijn de oorzaken (en triggers)?

MS-schade

MS veroorzaakt veranderingen in delen van de hersenen en het ruggenmerg, wat invloed heeft op het geheugen en denken. Zo kunnen leasies (beschadigingen) de prikkels blokkeren of vertragen die boodschappen doorgeven aan de hersenen die je nodig hebt om te denken. Mensen met veel leasies hebben vaker (blijvende) cognitieve problemen. 

Factoren die tijdelijke cognitieve problemen veroorzaken

Er zijn ook factoren die tijdelijk je concentratie, geheugen en denken beïnvloeden. Bijvoorbeeld depressie, stress, pijn, vermoeidheid, een schubslechte voeding, veel alcohol, ziekte en medicijnen (zoals tranquillizers (kalmeringsmiddelen), slaappillen en pijnbestrijders). 

Ook een verandering van gewoonte kan invloed hebben op je cognitie. Door de MS kun je misschien niet meer alle dingen doen waaraan je altijd veel plezier beleefde en die je stimuleerden, zoals een baan, sport en huishoudelijke taken. Hierdoor kun je ook cognitief achteruitgaan, bijvoorbeeld doordat je minder gefocust bent op data en tijden. 

Wat zijn de gevolgen? 

  • Onbegrip van de omgeving over je functioneren. Mensen kunnen bijvoorbeeld denken dat je niet geïnteresseerd bent of ergens geen zin in hebt. Dat kan leiden tot problemen met je partner of je gezin, met vrienden of in andere relaties. 
  • Minder goed kunnen werken en leren. Met name concentratieverlies, vermoeidheid en niet meer creatief kunnen denken, kunnen ervoor zorgen dat je niet meer goed kunt werken en leren. Lees hier meer over werken met MS…
  • Invloed op je gevoel van eigenwaarde. Je kunt het gevoel hebben dat je dement, gek of dom aan het worden bent. 
  • Onzekerheid en angst, ook bij milde cognitieve problemen. Het gevoel dat je geen grip meer hebt op zaken die altijd automatisch gingen, kan beangstigend zijn. 
Onderzoek naar cognitie achteruitgang bij MS

Welke behandelmethoden zijn er?

Onderzoek

Soms is het moeilijk om cognitieve problemen te ontdekken, zeker als ze langzaam ontstaan. Uit onderzoek blijkt dat de cognitieve achteruitgang bij mensen met MS over het algemeen erg traag verloopt. Dit betekent dat je de tijd hebt om manieren te vinden om ermee om te gaan.

Bespreek je klachten met je huisarts, MS-verpleegkundige of neuroloog zodra je vermoedt dat er iets aan de hand is. Hij of zij kan je voor nader onderzoek doorverwijzen naar een neuropsycholoog.

Een neuropsycholoog is gespecialiseerd in de relatie tussen hersenen en gedrag en hoe hersenziektes invloed hebben op functies als geheugen, concentratie en emoties.

Het neuropsychologisch onderzoek bestaat uit:

  • een gesprek over het doel van het onderzoek en over je huidige en vroegere functioneren, je opleiding, beroep, interesses, ziektes, medicijnen en MS-symptomen (cognitief en lichamelijk);
  • enkele mondelinge en schriftelijke tests, onder meer op het gebied van concentratie, aandacht, problemen oplossen en geheugen;
  • informatie en terugkoppeling van de testresultaten.

Een neuropsychologisch onderzoek stelt vast op welk niveau je cognitief functioneert. Zo kan de neuropsycholoog achterhalen op welk gebied jouw problemen betrekking hebben en de vervolgaanpak bepalen. In perioden van depressie, erge stress of tijdens een schub vindt nooit onderzoek plaats.

Overigens heeft niet iedereen een neuropsychologisch onderzoek nodig, maar sommige Europese MS-centra doen het standaard wel.
Lees hier meer over het neuropsychologisch onderzoek…

Vervolgaanpak: training

Er bestaan geen specifieke medicijnen voor cognitieve problemen bij MS. Onderzoek naar het gebruik van Alzheimer-medicijnen levert vooralsnog niet genoeg bewijs dat medicatie het geheugen en denkvermogen verbetert. Training (cognitieve revalidatie) blijkt wél te helpen.

Er zijn twee trainingsmethoden:

  • Functietraining: door oefening en herhaling probeer je een verstoorde functie te verbeteren.
  • Compensatietraining: je probeert je problemen met trucs en hulpmiddelen te omzeilen, zodat ze minder invloed hebben op je dagelijks leven.

Wat kun je zelf doen?

  • Probeer je familie, vrienden, werkgever en collega’s te vertellen over je problemen. Door je problemen te benoemen en erover te praten, begrijp je jezelf beter en snappen anderen ook beter wat er gebeurt. Dit voorkomt misverstanden, bijvoorbeeld dat mensen denken dat je dom bent of geen interesse hebt.
  • Herken je eigen grenzen en wees niet bang om hulp te vragen.
  • Put jezelf niet uit, leer om moeheid te herkennen en probeer rustpauzes in te lassen.
  • Concentreer je op één ding tegelijk. Zet radio en tv uit als je ergens mee bezig bent of een gesprek voert.
  • Plan tijd voor belangrijke taken, zeg tegen anderen dat je niet gestoord wilt worden en geef ook aan waarom niet.
  • Schrijf alles wat je moet doen op en leg het briefje op een vaste plaats. Streep de dingen door die je hebt gedaan.
  • Maak op een centrale plek in huis een gezinskalender waarop iedereen zijn activiteiten schrijft.
  • Werk met memopapiertjes.
  • Maak een grote boodschappenlijst voor de dingen die je regelmatig koopt, waarop je kunt aanstrepen wat je deze week nodig hebt.
  • Leg pen en papier bij de telefoon. Ook handig is een schema met ruimte om de naam van degene die je hebt gesproken, de dag en tijd dat je hebt/bent gebeld en wat je hebt besproken in te vullen.
  • Gebruik moderne hulpmiddelen. Spreek bijvoorbeeld boodschappen in op een dictafoon, stuur jezelf een sms’je of gebruik herinneringsfuncties op je horloge of telefoon.
  • Ontwikkel routines en houd je eraan.
  • Leg dingen steeds op dezelfde plaatsen weg.
  • Kijk je medicijnen na, sommige pijnstillers, antidepressiva en antimoeheidsmiddelen kunnen geheugenproblemen verergeren.
  • Blijf kalm als iets niet lukt, misschien lukt het even later wel.
  • Houd je gevoel voor humor en blijf in jezelf geloven.

Lees hier meer tips over hoe je met cognitieve problemen kunt omgaan…
en hier…

Lees hier hoe je je brein in conditie houdt…

Headerfoto: Martin de Bouter

Dit vind je misschien ook interessant...

Back To Top