Vroeg starten met behandeling MS lijkt effectiever

Bij mensen met MS die vroeg starten met de behandeling verloopt de ziekte trager dan bij mensen met MS die later starten met de behandeling. Dit blijkt uit Deens onderzoek.

Deens onderzoekers bestudeerden de gegevens van alle mensen met MS in Denemarken die behandeld werden voor hun ziekte.

Ze onderscheidden 2 groepen:

  • mensen die in een vroeg stadium van hun ziekte werden behandeld: binnen 2 jaar na de eerste ziekteverschijnselen (2.316 mensen)
  • mensen die in een later stadium van hun ziekte werden behandeld: tussen 2 en 8 jaar na de eerste ziekteverschijnselen (1.479 mensen)

Ze keken hoeveel tijd er bij beide groepen verstreek vanaf de start van de behandeling tot er sprake was van een score van 6 op Expanded Disability Status Scale (EDSS) en van overlijden. Daarbij gebruikten ze een bepaald model om het proportionele risico te berekenen.

De resultaten waren als volgt:

  • De mediane duur tot het bereiken van de EDSS6 score was bij 3.795 mensen met MS 7 jaar (0.6 – 19.5 jaar) en de mediane duur tot overlijden was 10,4 jaar (1.2 – 20.1 jaar)
  • Mensen die relatief laat met de behandeling startten, hadden een 42% hoger risico om EDSS 6 te bereiken, vergeleken met mensen die relatief vroeg met de behandeling begonnen. Bij mannen die later met de behandeling begonnen was het risico op het bereiken van EDSS-6 wel lager dan bij vrouwen die later met de behandeling begonnen.
  • De overleving van de groep die later startte met behandeling leek korter te zijn dan de overleving van de groep die de behandeling vroeg in het ziekteproces kreeg.

Bron:
Chalmer T, Baggesen LM, Nørgaard M, Koch-Henriksen N, Magyari M, Sorensen PS; Danish Multiple Sclerosis Group.
Danish Multiple Sclerosis Center, Department of Neurology, Rigshospitalet, University of Copenhagen; The Danish Multiple Sclerosis Registry, Department of Neurology Rigshospitalet, Copenhagen; Department of Clinical Epidemiology, Aarhus University Hospital, Aarhus, Denmark.

Samenvatting: /www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/29847005

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *