Een Zweeds onderzoek heeft aangetoond dat Rituximab (Rituxan) een aantrekkelijk alternatief zou kunnen zijn voor Interferon bèta en Glatirameer (Copaxone). Bij mensen met Relapsing Remitting MS die overstapten van die medicijnen naar Rituximab verminderde de ontstekingsactiviteit.

Zowel T- als B-cellen, bepaalde typen witte bloedcellen, spelen een belangrijke rol bij MS. Interferon bèta en Glatirameer zijn medicijnen die ervoor zorgen dat de T-cellen worden onderdrukt. Veel mensen met MS krijgen echter schubs ondanks gebruik van deze medicijnen.

De laatste jaren worden er steeds meer therapieën ontwikkeld die de B-cellen als doelwit hebben. Rituximab (merknaam Rituxan) is zo’n therapie. Het wordt al jaren gebruikt voor de behandeling van rheumatoïde arthritis en de ervaring bij die aandoening is dat de veiligheid goed is. Voor MS is het medicijn wel onderzocht, maar de resultaten zijn nog beperkt.

Aan dit fase II-onderzoek namen 75 mensen met RRMS deel. Ze hadden in de voorliggende zes maanden of langer Interferon bèta of Glatirameer gebruikt en geen schubs doorgemaakt. Na een aanloopperiode van drie maanden zonder MS-therapie kregen ze een infuus met 1000 mg Rituximab. Na twee weken werd dat nog eens herhaald.

In de aanloopperiode en na de overstap naar Rituximab kregen de deelnemers meerdere MRI-scans. Verder werd een paar keer hersenvloeistof afgenomen om het gehalte aan neurofilament lichte keten (NFL) te kunnen meten.

NFL is een bestanddeel van zenuwcellen. Het komt in verhoogde concentratie in de hersenvloeistof voor als de cellen ziek zijn.

Rituximab bleek het aantal met gadolinium oplichtende laesies te reduceren van gemiddeld 0.36 vóór toediening naar 0.03 drie en zes maanden na toediening. Dit betekent dat de ontstekingsactiviteit was gedaald. Ook het aantal nieuwe en vergrote T2-laesies was een jaar na toediening gedaald van gemiddeld 0.28 naar 0.01.

In lijn met deze resultaten was de NFL-concentratie een jaar na toediening met 21 procent gedaald. In het tweede jaar nam bij meerdere deelnemers het aantal T2-laesies en het NFL-gehalte weer toe. Deze dosis Rituximab lijkt dus meer dan een maar minder dan twee jaar te werken.

De onderzoekers gaan nu de optimale dosis en doseringsfrequentie van Rituximab bepalen. Ook willen ze onderzoeken of herhaalde doses Rituximab de ziekteactiviteit langer onderdrukken.

Bron: de Flon P, Gunnarsson M, Laurell K, Söderström L, Birgander R, Lindqvist T, Krauss W, Dring A, Bergman J, Sundström P, Svenningsson A – Diverse universiteitsziekenhuizen en andere ziekenhuizen in Zweden.
Neurology, 2016 June 17; pii: 10.1212/WNL.0000000000002832.

Samenvatting: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/27316241

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *