Ouder worden en ouder zijn met MS

De diagnose MS wordt meestal op jonge leeftijd gesteld. MS komt evenwel ook op hogere leeftijd voor. Enerzijds omdat ook jonge mensen met MS ouder worden, anderzijds omdat de diagnose MS ook weleens in een latere levensfase gesteld wordt.

MS-onderzoek bij ouderenAls de MS-diagnose na het vijftigste levensjaar wordt gesteld, wordt dat late onset multiple sclerosis genoemd (kortweg LOMS). Het op zo hoge leeftijd diagnosticeren is enerzijds mogelijk geworden door de intussen zeer gedetailleerde diagnostische criteria en het uitgebreid beschikbaar zijn en gebruik van MRI-onderzoek. Anderzijds draagt de wetenschap dat multiple sclerose ook laat kan beginnen, ertoe bij, dat aan deze diagnose als mogelijke oorzaak van neurologische klachten ook op hogere leeftijd gedacht wordt.

Het blijft echter onduidelijk bij een laat gediagnosticeerde MS, of de ziekte zich echt pas op hogere leeftijd heeft ontwikkeld óf dat ze mogelijk al veel langer bestaat, zonder duidelijk merkbare problemen te veroorzaken.

Wat is typerend voor MS die zo laat begint?

Zo’n 5 tot 10% van de mensen met MS is ouder dan 50 als de diagnose gesteld wordt. Bij deze mensen zijn enkele dingen anders dan we kennen van het “typische” MS-beeld:

  • Meer mannen. Op jongere leeftijd geldt: drie keer meer gediagnosticeerde vrouwen als mannen. Op hogere leeftijd is dit twee keer zoveel.
  • Vooral motorische symptomen (mobiliteit, kracht, behendigheid).
  • Op de MRI van het ruggenmerg duidelijk vaker zichtbare ontstekingshaarden dan bij jongeren.
  • Vaker een primair verslechterend beloop.
  • Eerder blijvende loopproblemen.
  • Vaker meer diagnoses naast MS (zogeheten comorbiditeit), die het beloop kunnen beïnvloeden.

Als laatste is bij de late diagnose MS van belang: naarmate een mens ouder wordt, neemt het aantal ziektes met vergelijkbare klachten als bij MS toe, bijvoorbeeld bij beroertes. Bij het stellen van de diagnose dient de behandelend arts daarom speciaal op ziekten van de bloedsomloop te letten, aangezien vasculaire veranderingen veel kunnen lijken op MS-beschadigingen. Denk bijvoorbeeld aan laesies in de hersenen of het ruggenmerg ten gevolge van doorbloedingsstoornissen.

Het immuunsysteem verandert. In welke zin?

Oudere mensen lijden niet alleen vaker aan bijkomende ziekten, ook hun immuunsysteem functioneert anders dan dat van jongeren; dit veroudert immers ook. Dat wordt “immunosenescentie” genoemd (uit het Latijn: senescere = oud worden).

In wezen betekent dit dat het immuunsysteem  bij het ouder worden functioneel verslechtert en dat dit een afgenomen afweerfunctie tot gevolg kan hebben. Met als mogelijk gevolg een toenemend aantal infecties en ook een grotere vatbaarheid voor tumoren. Ook kunnen, als gevolg van de immunosenescentie, auto-immuunziekten versterkt worden of zelfs ontstaan. Dit geldt ook voor diverse schadelijke afbraakprocessen in de hersenen (“neurodegeneratie”).

Bij MS zijn vooral de herstelprocessen, die beschadigde zenuwen en hun beschermlaag (myeline) repareren, minder sterk. Tegen deze neurodegeneratieve processen hebben basistherapieën nauwelijks effect en daarom ontstaat een innig gewenst doel: het ontwikkelen van medicamenten die de immunosenescentie en de neurodegeneratie een halt toeroepen.

Werken de basistherapieën op hoge(re) leeftijd?

immuunsysteemDie vraag is niet gemakkelijk te beantwoorden, aangezien er minder onderzoeksgegevens over de werkzaamheid van immunotherapeutica bij ouderen zijn dan bij jongeren. Dat heeft primair te maken met het feit dat aan de grote studies over de moderne basistherapieën vaak maar weinig mensen, ouder dan 55, hebben deelgenomen en mensen, ouder dan 65, van onderzoek waren uitgesloten.

Als we echter speciale statistische methodes loslaten op de weinige ter beschikking staande gegevens, vinden we aanwijzingen dat de huidige basistherapieën bij mensen vanaf midden 50 minder werkzaam zijn. Daarentegen toonde een Italiaanse observatiestudie van bijna 400 deelnemers met laat begonnen MS, aanwijzingen dat immunotherapieën een toename van de handicaps kunnen afremmen. Daarom moet het besluit over een bepaalde therapie altijd op individuele gronden genomen worden.

Waar moet men rekening mee houden bij de keuze van een basistherapie?

Als de keuze valt op immuuntherapie, moet rekening gehouden worden met cardiovasculaire (hart en bloedvaten) ziekten in de voorgeschiedenis. Sommige beschikbare medicamenten kunnen immers de bloeddruk verder verhogen of mogen bij een hartziekte niet gebruikt worden. Bovendien kan de immunosenescentie, evenals de veranderde werking van medicamenten bij oudere mensen ertoe leiden dat de MS-medicatie slechter verdragen wordt.

Ook kan het leiden tot het vaker voorkomen van complicaties zoals  een dermate hevige verzwakking van het immuunsysteem dat frequenter en ernstigere infecties voorkomen. Daarom is een fijnmazig toezicht op de therapie nodig, waarin rekening wordt gehouden met al deze factoren tijdens de ouderdom.

Niet-medicamenteuze maatregelen en veranderingen in leefstijl, die het persoonlijk welbevinden, de lichamelijke activiteit en de cognitie bevorderen, kunnen ouder wordende mensen met MS helpen om de bijkomende ziekten de baas te kunnen en hun kwaliteit van leven te verbeteren.

Hoe lang moet je doorgaan met therapieën?

Ouderen met een al vele jaren stabiele MS, zullen zich afvragen of ze niet eens kunnen stoppen met een immuuntherapie. Onze huidige kennis schiet tekort om wetenschappelijk verantwoorde adviezen over dit thema te geven; daarom wordt het stoppen van een MS-behandeling in het algemeen niet geadviseerd, want er is altijd een zorgvuldige en individuele kosten-batenanalyse nodig.

Bron

Uit  Forte nr. 4, 2022

Forte is het blad van de Zwitserse MS-vereniging.

Tekst: Prof. Dr. Med. Achim Berthele, Prof. Dr  Med. Tania Kümpfel, Prof. Dr. Med. Erwin Stark, Dr. Med. Insa Schiffmann voor de Deutsche Multiple Sklerose Gesellschaft, Bundesverband e.V., redactie aktiv. Het artikel in Forte is een samenvatting van het oorspronkelijke artikel in aktiv.

Vertaling: Jos Mols

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *