Ocrelizumab beperkt volumeverlies van de thalamus

Uit onderzoek blijkt dat de thalamus bij mensen met RRMS en PPMS bij gebruik van ocrelizumab minder krimpt dan wanneer interferon beta-1a of placebo wordt toegediend. Het effect dat tijdens de beginfase van de behandeling optreedt, houdt aan bij voortgezet gebruik. Volumeverlies van de thalamus is mogelijk een goede manier om aanhoudende weefselschade vast te stellen.

Locatie Thalamus in de hersenen Bij MS tast verlies van myeline en hersencellen de thalamus rechtstreeks aan. Daarnaast hebben laesies in de witte en grijze stof buiten de thalamus indirect ook een effect op de thalamus. Dit alles brengt een verandering teweeg in de signalen die de thalamus verstuurt.

Het onderzoek

In enkele fase III-studies met mensen met RRMS (OPERA I en II) en PPMS (ORATORIO) vergeleken de onderzoekers de mate waarin ocrelizumab het volumeverlies van de thalamus beperkt ten opzichte van interferon beta-1a en placebo.

Ze bekeken ook wat het effect op het volumeverlies is wanneer van interferon beta-1a of placebo wordt overgeschakeld op ocrelizumab.

De resultaten

Tijdens de dubbelblinde onderzoeksperiode beperkte ocrelizumab het volumeverlies van de thalamus aanzienlijk.

Het effect op de krimp van het hele hersengebied, de corticale grijze stof en de witte stof was minder groot.

Na zeven jaar was de thalamus bij de personen die vanaf het begin ocrelizumab gebruikten, minder gekrompen dan bij degenen die van interferon beta-1a of placebo later waren overgeschakeld op ocrelizumab.

Bron: Douglas L Arnelld et al; Mult Scler. 2022 Jun 7

Samenvatting: https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/35672926/

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.