Je hersenen, van jongsaf aan actief gebruiken, het liefst nog vóór je MS krijgt, vermeerdert de reserve aan cognitieve vermogens die je nog hebt als de ziekte erger wordt.

Een hoog onderwijsniveau en een zo groot mogelijke woordenschat helpen mensen met de ziekte van Alzheimer en multiple sclerose beter het hoofd te bieden aan neurologische ziekten waarbij ze tengevolge van verlies aan hersenweefsel, zogeheten ‘hersenatrofie’, achteruit gaan op het gebied van verstandelijke eigenschappen zoals reactievermogen en geheugen, samen ook wel aangeduid met de term ‘cognitie’.

Het op tijd vergaren van kennis bij wijze van vrijetijdsbesteding door te lezen en hobbies te bedrijven is een onafhankelijke bron van cognitief vermogen voor ouderen met Alzheimer, maar de vraag is of dat ook geldt voor de ziekte MS. Onderzoekers uit de Verenigde Staten bekeken of dat het geval was.

Zij onderzochten 36 patiënten met MS. De mate van hersenatrofie maten zij door de hoeveelheid hersenweefsel te bepalen met een MRI. De cognitieve toestand berekenden zij met een gebruikelijke scorelijst die is te maken uit gegevens over de reactiesnelheid bij het verwerken van informatie en van het geheugen.

De onderzoekers toonden een verband aan tussen de kennisvermeerderende vrijetijdsbezigheden en de cognitie tijdens MS, ook als zij corrigeerden voor de woordenschat en het opleidingsniveau.

Verder bleken zij geen direct verband te kunnen aantonen tussen de hobbybezigheden en de mate van hersenatrofie. Alleen als zij hun uitkomsten corrigeerden voor de mate van cognitie, de aanwezige woordenschat en het niveau van de opleiding konden zij wel een dergelijk verband aantonen.

De onderzoekers ondersteunen het activeren van de hersenen als onafhankelijke bron van reserve van kennis bij patiënten met MS.

Bron:Sumowski JF, Wylie GR, Gonnella A, Chiaravalloti N, Deluca J. – Neuropsychology & Neuroscience Laboratory, Kessler Foundation Research Center,West Orange, USA.
Neurology 2010 Oct 19;75(16):1428-31.

Samenvatting