Onderzoekers van het MS centrum van de Universiteit van Texas troffen het JC virus (JCV) DNA aan bij mensen met MS die met Tysabri werden behandeld. Het JCV werd na het begin van de behandeling én daarna aangetroffen. De uitkomsten van dit onderzoek leggen een link tussen de behandeling met Tysabri van MS en het ontstaan van PML.

Een infectie met het JC virus kan in zeldzame gevallen de ziekte PML veroorzaken. PML is: progressieve multifocale encephalopathy. Dit is een demyeliniserende aandoening van het centrale zenuwstelsel d.w.z. dat de ziekte PML de myeline, die de zenuwcellen beschermt, verwoest.
Het JC virus komt in latente vorm bij ca. 80% van gezonde volwassenen voor, alleen bij mensen met MS die met Tysabri worden behandeld kan het PML veroorzaken.

Voor dit onderzoek selecteerden de onderzoekers 49 mensen met MS van het MS centrum van het Southwestern Medisch Centrum van de universiteit van Texas en 18 gezonde vrijwilligers. Aan het begin van het onderzoek en daarna met tussenpozen van 3 tot 10 maanden gedurende de behandeling met Tysabri wer 120 ml bloed afgenomen. Ook werd een keer bloed afgenomen bij 23 mensen met MS die langer dan 2 jaar met Tysabri werden behandeld en bij 18 gezonde vrijwilligers.

In het laboratorium werden de bloedmonsters uitgebreid onderzocht.
De resultaten waren als volgt:
Bij 13 van de 26 mensen met MS (50%) waarbij aan het begin van het onderzoek en ook daarna bloed werd afgenomen, kon het virale DNA worden aangetoond.
Bij 10 van de 23 mensen met MS (44%) die langer dan 2 jaar waren behandeld met Tysabri en bij 3 van de 18 gezonde vrijwilligers (17%) kon het virale DNA ook worden aangetoond.
Bij 15 van de 49 mensen met MS kon het JCV in bepaalde cellen worden aangetoond (CD34+ en CD19+ cellen). Bij maar 1 van de 18 gezonde vrijwilligers werd het virus in een bepaalde cel aangetroffen (CD34+) en niet in CD19+ cellen.
Bij 9 mensen met MS en 1 gezonde vrijwilliger kon het virus worden aangetoond maar de testen op JCV antilichamen waren negatief.

Bron: E.M.Frohman, M.C. Monaco, G. Remington, C. Ryschkewitsch, P.N. Jensen, K. Johnson, M. Perkins, J. Liebner, B. Greenberg, N. Monson, T.C. Frohman, D. Douek, E.O. Major.

Samenvatting: http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/24664166