skip to Main Content
College Voor De Rechten Van De Mens

College voor de Rechten van de Mens

Vorige keer schreef ik over het VN-verdrag voor mensen met een beperking. Sinds oktober 2012 worden de mensenrechten in Nederland bewaakt en bevorderd door het College voor de Rechten van de Mens. Dit college krijgt de taak om na de ratificatie van het VN-verdrag de implementatie ervan te monitoren. Ik sprak met Keirsten de Jongh, senior beleidsadviseur bij het College.

Door: Isabelle de Jong

Cartoon Guido BootzDe Commissie Gelijke Behandeling hield in 2012 op te bestaan en is opgegaan in het College voor de Rechten van de Mens. Keirsten de Jongh werkt hier vanaf het begin, na achttien jaar bij de Commissie Gelijke Behandeling gewerkt te hebben – eerst op het gebied van gelijkheid op basis van geslacht, vervolgens heeft ze zich ook gespecialiseerd in gelijke behandeling van mensen met een beperking.

Advies over ratificatie

In augustus 2013 heeft het College een advies opgesteld over de ratificatie van het VN-verdrag voor mensen met een beperking. Met dit advies reageert het College op de concept wetsvoorstellen die het kabinet heeft opgesteld, en ook dringt het aan op spoedige ratificatie van het VN-verdrag. De wetsvoorstellen liggen nu bij de Raad van State en gaan waarschijnlijk voor de zomer naar de Tweede Kamer. Keirsten legt uit dat het College dan zal kijken of zijn adviezen ter harte zijn genomen. “Aan de hand van de wetgeving kunnen wij bij Tweede Kamerleden om aandacht vragen voor bepaalde punten”.
De deadline voor de ratificatie is juli 2015. “Die gaan we wel halen. Zowel bij de Tweede als de Eerste Kamer verwacht ik weinig weerstand. Binnen een jaar zal de wetgeving er doorheen gekomen zijn”.

De wetgeving

Er bestaat al veel wetgeving voor mensen met een beperking. Allereerst in artikel 1 van de Grondwet waarin staat dat allen die zich in Nederland bevinden, in gelijke gevallen gelijk behandeld worden. Discriminatie op grond van handicap of chronische ziekte is niet toegestaan. Een nadere uitwerking hiervan staat in de gelijkebehandelingswetgeving voor mensen met een beperking (WGBH/CZ). Daarin is vastgelegd dat mensen met een beperking recht hebben op gelijke behandeling in het onderwijs, bij het wonen, bij de arbeid en als zij met het openbaar vervoer willen reizen. Door ratificatie van het VN verdrag wordt deze wetgeving uitgebreid, bijvoorbeeld op het gebied van goederen en diensten. Zo moeten horecagelegenheden voor iedereen toegankelijk zijn, en mogen sportclubs personen niet meer weigeren op basis van een handicap.

Achterlopen

Waarom loopt Nederland eigenlijk achter met ratificeren ten opzichte van andere landen? Keirsten noemt twee redenen. Ten eerste pakt Nederland het anders aan dan andere landen. “Wij hebben eerst gekeken wat er op het gebied van wetgeving en beleid aangepast moet worden; pas daarna gaan we over tot ratificatie. Andere landen hebben dit andersom gedaan”. En verder waren er in eerdere kabinetten vraagtekens, en ook enige weerstand. Keirsten: “Men was bang voor kosten en voor de juridische gevolgen. Daar is onderzoek naar gedaan, waar uitkwam dat het met de kosten in elk geval mee zal vallen.”
Maar het heeft allemaal wel lang geduurd, vindt ook Keirsten. “In 2007 is het Verdrag al ondertekend en nu pas zijn er concept-wetsvoorstellen.”

Nationale monitoringinstantie

College Rechten van de MensAls Nederland het VN-verdrag geratificeerd heeft, is het aan het College om kritisch te volgen of de wetgeving goed toegepast wordt. “Wij zullen onderzoeken uitvoeren, adviezen geven en onze bevindingen rapporteren aan het VN comité. Het is altijd belangrijk om de effecten van nieuwe wetgeving in de gaten te houden.
Daarnaast zullen wij met de overheid in gesprek blijven om zicht te houden op wat zij doen, en aan de bel trekken als zaken niet goed gaan. En natuurlijk willen we nauw samenwerken met mensen met een beperking of de organisaties die hen vertegenwoordigen, bijvoorbeeld door middel van bijeenkomsten en consultaties.” Deze vertegenwoordigers zijn leden van Ieder(in), een netwerk voor mensen met een beperking of chronische ziekte.
Bij Ieder(in) zijn belangen-, patiënten- en ouderorganisaties aangesloten die samen een grote groep mensen vertegenwoordigen met zeer uiteenlopende chronische ziekten, lichamelijke en verstandelijke beperkingen. Ook federaties van patiëntenverenigingen en provinciale, regionale en lokale platforms zijn aangesloten bij Ieder(in).

Dat er een nationale monitoringinstantie komt is uniek, aldus Keirsten. “Op andere VN-verdragen wordt wel internationaal toezicht gehouden, maar nooit eerder schreef een VN-verdrag voor dat er een nationale monitoringinstantie opgericht moest worden.” De reden? Waarschijnlijk verwachtte men dat de implementatie zo beter zou verlopen.
Om zich voor te bereiden op de rol die het straks gaat vervullen neemt het College nu al deel aan bijeenkomsten van Europese instanties die ervaring hebben met toezicht houden op het VN-verdrag.

Links:
College voor de Rechten van de Mens
Ieder(in)
Committee on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD)

Eerder verschenen in MSzien 2014, nr. 1

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back To Top