Fysiek zwakker maar geestelijk sterker

Maarten Schikker (53) draagt MS al zijn hele leven met zich mee. In zijn initialen, maar ook in zijn familie. Zijn grootvader had MS en later kreeg hij dezelfde diagnose. Toch leefde hij zijn drukke leven alsof er niets aan de hand was. Tot Maarten gedwongen werd het rustiger aan te doen. Nu is hij weer bij zijn oorspronkelijke stiel teruggekeerd: schrijven. En is er ruimte voor veel meer interesses en activiteiten. Ook in de wereld van MS. ” Wat je fysiek wordt afgenomen krijg je aan geestelijke weerbaarheid terug”, vindt hij.

Door: Marja Morskieft

699portretten-090302--maarten-schikker-foto2Maarten Schikker woont in Maarssen met zijn vrouw en nog één thuiswonende zoon; hun twee dochters studeren al. Hij groeide op in Oosterbeek (Gelderland) en studeerde na de middelbare school in Arnhem rechten in Groningen. Dat was geen goede keuze, vertelt hij: “Na twee maanden was ik al gestopt, ik vond het absoluut niet interessant. Toentertijd moest je een jaar wachten voor je weer met een andere studie kon beginnen. Ik heb het jaar uitgefeest”, zegt hij met een glimlach. “Maar goed dat ik dat toen nog kon. Daarna ben ik eigentijdse geschiedenis – geschiedenis van na de Tweede Wereldoorlog – gaan doen. Met als aandachtsveld politicologie en internationale betrekkingen.”

Zoals zoveel van zijn vakgenoten is hij daarna in een andere sector terechtgekomen, al was de gedegen schrijfopleiding bij geschiedenis wel een goede voorbereiding. Hij ging werken in de journalistiek bij VNU. Toentertijd een grote uitgever van regionale dagbladen en tijdschriften als de Libelle. “Ik werd er redacteur. Na een jaar ben ik op het hoofdkantoor public relations gaan doen. En daar heb ik me altijd als een vis in het water gevoeld. Toen het bedrijf steeds meer internationaal ging werken werd ik hoofd In- en Externe Betrekkingen, ofwel Director Corporate Communications. Een andere naam voor hetzelfde vak”, lacht Schikker. Dat was in 1994. Twee jaar later kwam er ‘de kink in de kabel’ zoals hij dat noemt. Hij kreeg de diagnose MS.

Niets aan de hand

Het VNU uitgeversconcern was een groot bedrijf, met toen zo’n 12.000 werknemers verspreid over vijftien landen. Toch telde het individu in zijn geval. “Ik heb een fantastische werkgever gehad. Ze hebben me uitstekend behandeld, nadat ik ze had geïnformeerd over mijn ziekte. Ik kon gewoon doorwerken en zou wel aan de bel trekken als het niet zou gaan. Dat deed ik natuurlijk niet. Door de stormachtige ontwikkelingen van het concern werd mijn functie steeds zwaarder. Ik had MS, maar kan niet zeggen dat ik de ziekte accepteerde. Ik ging gewoon dwars door alle barrières heen en bleef keihard werken. Ik moest vaak naar de Verenigde Staten en werkte steeds langer. Mijn gezondheid was niet geweldig en dat botste na verloop van tijd. Op een gegeven moment heeft mijn werkgever zelf gezegd dat het niet meer ging. Vanuit welbegrepen eigenbelang, maar ook uit zorg voor mij.”

Schikker kreeg een andere functie waarbij de werktijden beter te plannen waren. Hij werd verantwoordelijk voor het project Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Omdat zijn gezondheid slechter werd en zijn energie afnam ging hij steeds minder werken, tot hij in 2008 volledig arbeidsongeschikt werd verklaard. Bij zijn werkgever is hij daarom onlangs ontslagen. “Dat is op een keurige manier gegaan. Vaak hoor je, zeker bij grote concerns, dat werkgevers heel slordig omgaan met zieke werknemers. Alles was erop gericht dat ik door zou kunnen werken en dat ik geen energie in overbodige zaken hoefde te stoppen. Helaas was mijn accu op een gegeven moment leeg. Maar ik heb toch nog zo’n tien jaar kunnen werken na de diagnose.”

Terug naar het begin

Nu er weer tijd en ruimte is voor andere zaken dan werk, is Maarten weer naar zijn oude liefde, geschiedenis, teruggekeerd. Hij leest veel, vooral kranten. Ook het schrijven heeft hij weer opgepakt. Maarten: “Ik ben als redacteur begonnen bij de uitgeverij, maar als je eenmaal in het management zit, komt er niet veel meer van. Die draad heb ik nu weer opgepakt. Vanaf het moment dat ik ben afgekeurd heb ik een paar redactionele taken op me genomen. Gelukkig kan ik dat nog, zij het in bescheiden mate.” Hij is nu op twee terreinen als vrijwilliger schrijvend actief: als redacteur voor Rondom MS, het magazine van de Stichting MS Research, en voor het landelijk blad van D66.

“Ik ben iemand van de strakke discipline. Als het fysiek kan, dan probeer ik elke middag te schrijven. ’s Ochtends besteed ik aan ‘lijf en leden’, fysiotherapie en fitness”, vertelt hij. “Met mate, want ik kan niet over mijn grenzen gaan. Dan ben ik de rest van de dag niets meer waard. Tussen de middag moet ik dan mijn accu weer opladen, om daarna met redactioneel werk aan de slag te gaan. Als ik moe ben, stop ik. Dat is het mooie van niet meer hoeven werken. En ik vind schrijven heel leuk!”

De nieuwe wereld waar hij in is gestapt, het interviewen van mensen, van prinses Máxima tot de Portugese zangeres Christina Branco vindt hij heel boeiend. “Leuke klussen!”, zegt hij met pretogen. “Ondanks je beperkingen gaat er toch weer een wereld voor je open, waar ik anders niet mee in aanraking was gekomen. Dat is wel heel grappig. Ik heb er vreselijk tegenop gezien dat ik moest stoppen met werken,” bekent hij.” Ik dacht: als je niet meer werkt, is er dan nog leven? Dat is me reuze mee gevallen.” Doordat hij nu in zijn eigen tijd kan leven en werken en zijn schaarse energie verstandig en goed inzet, is er meer mogelijk dan hij had verwacht.

Acceptatie

Als MS al zo’n bepalende factor is zijn leven is geworden waarom is hij dan juist actief geworden binnen de MS wereld? Had hij niet schoon genoeg van die ziekte? Schikker lacht: “Dat is een hele goeie! Ik had in eerste instantie ook de neiging om dat juist níet te doen. Maar ik ben er een beetje ingerold.

Het heeft ook te maken met het feit dat ik langzamerhand mijn ziekte geaccepteerd heb. Ik vond het onderhand een logische zaak om met mijn eigen ziekte en lotgenoten om te gaan. Dat is een leerproces geweest, waarvoor ik het revalidatiecentrum de Hoogstraat in Utrecht erkentelijk ben. Ik ben daar vier maanden in dagbehandeling geweest en heb daar veel aan gehad. Het was confronterend, maar ik leerde hoe met mijn beperkingen, zoals een chronisch energiegebrek, om te gaan.” Het is een keerpunt geweest in zijn leven.

Van carrièremens naar interviewer

Op de vraag wat hij nu belangrijk vindt in zijn leven, antwoordt Schikker: “Ik denk dat ik daar een simpel antwoord op kan geven. Het normale leven van alledag staat nu voorop. Mijn gezin, samen op vakantie gaan. Na het carrièredenken zijn de ‘kleine’ dingen van het leven nu van het grootste belang. Eerst denk je, na de diagnose, dat niets meer kan. Dat blijkt gelukkig niet zo te zijn. Wat vroeger vanzelfsprekend was, een recht bijna, is nu een gunst geworden. En dat waardeert ik ook zo.”

Nu hij niet meer werkt vragen mensen soms of hij plannen heeft om te promoveren op zijn oude vakgebied, geschiedenis. Daar voelt hij echter niets voor. “Om me jaren in één onderwerp te moeten verdiepen, nee, daar is de wereld waarin ik nu terecht ben gekomen te interessant voor. Ik ben ook meer een generalist, vind heel uiteenlopende zaken leuk.” Tijdens zijn carrière had hij veel ambities, nu verheugt hij zich erop nog een hele tijd te kunnen schrijven en interessante mensen te interviewen. En misschien nog modules kunstgeschiedenis te volgen bij het volwassenenonderwijs.

Hij is een tevreden mens, met wat hij nu kan, hoe hij nu leeft. Al heeft het jaren geduurd voor hij deze evenwichtige situatie heeft kunnen bereiken. Maar hij weet nu: “Wat je fysiek wordt afgenomen, krijg je aan geestelijke weerbaarheid terug. Ik hoop dat ik ondanks mijn beperkingen nog wat reisjes kan maken in Europa, er is veel dat ik nog wil zien. Vooral Italië en Spanje. Genoeg om naar uit te kijken.

MSzien jaargang 8, maart 2009 (1)