De Atlantische Oceaan over

Wendel Röntgen en Gijs Koning leren elkaar kennen via het roeiteam van de Hogeschool InHolland in Diemen. Sloeproeien is hun grote passie. Ze roeien vele malen van Harlingen naar Terschelling en maken zelfs de oversteek naar Engeland. Die tocht smaakt naar meer en langzaam rijpt het plan om de Atlantische Oceaan te bedwingen. Natuurlijk, ze gaan voor het avontuur maar ze willen niet alleen voor zichzelf maar ook voor een goed doel roeien. De vader van Wendel heeft MS en daarom kiezen ze als doel de stichting MS Research. Op 23 februari is het zover: Wendel en Gijs bereiken de andere kant van De Grote Plas. 

Door: Nora Holtrust
90bmszien0107roeienvoorms1

“Ze zijn aangekomen!”, is het eerste wat Jan-Frederik Röntgen (1943) roept. Niet zo gek natuurlijk, als je de vader bent van een zoon die net per roeiboot de Atlantische oceaan is overgestoken. Wendel Röntgen (1974) en Gijs Koning (1972) zijn op 23 februari gearriveerd op Antigua, een eiland in de Carribean, nadat ze op 20 december 2006 zijn vertrokken uit Gran Canaria.  “We zijn echt blij. Als het goed is zijn ze nu bezig hun zeebenen kwijt te raken. Want het schijnt dat je de eerste uren of dagen op een hele vreemde manier loopt als je twee maanden alleen maar hebt lopen waggelen en springen op een heel klein scheepje. Vierenzestig dagen, twee uur en zevenendertig minuten hebben ze er over gedaan”, vertelt vader Röntgen trots.

Beklimmen van steeds hogere bergen, expedities naar Antarctica of de Noordpool, daar hebben we allemaal wel eens van gehoord. Maar een oceaan oversteken in een roeiboot? Toch bevinden zich op dit moment vijf roeiboten ergens op de Atlantische oceaan. De in 1983 opgerichte Ocean Rowing Society houdt die avontuurlijke tochten allemaal bij en sinds 1997 kun je de dagelijkse vorderingen van de roeiers zelfs op de website www.oceanrowing.com volgen. Op dit moment bevinden zich nog vijf kleine stipjes op een onmetelijke watervlakte. Maar het stipje van Wendel en Gijs is op 23 februari 2007 een flonkerende ster geworden.

Scheepvaartmuseum

Jan-Frederik, JanF voor vrienden, studeerde geschiedenis in Utrecht en deed klussen voor het Scheepvaartmuseum in Amsterdam. “Op een gegeven moment zei het museum: wat wil je nou, kom je nou werken of wil je studeren. Ik had m’n kandidaats en de beroepsmogelijkheden voor historici waren in die tijd niet zo rooskleurig dus ik dacht: ik ga voor het museum. Nu ben ik daar zo’n beetje de dinosaurus in huis. Heb er straks 37 jaar gewerkt. Eerst voor losse klussen en nu sta ik als ontwerper van tentoonstellingen op de loonlijst. In maart neem ik afscheid, met een klein symposium. Wendel is precies op tijd terug want hij zal daar ook iets over zijn ervaringen vertellen, voor mij natuurlijk ontzettend leuk, als al die maritieme vogels daar komen”.

Waarschijnlijk MS

In 1995 kreeg JanF zodanige klachten dat hij zich op advies van de neuroloog “binnenste buiten liet keren”. De diagnose luidde ‘waarschijnlijk MS’ maar om het zeker te weten moest hij een lumbaalpunctie laten doen. Daar had hij geen zin in. Zijn vader, die een ziekte had die veel op MS lijkt, kwam na een lumbaalpunctie in een rolstoel terecht. “Ik heb er toen verder niet meer naar laten kijken. Ik kan dus niet zoveel over mijn MS-geschiedenis vertellen. Wel moet ik zeggen dat ik bepaalde symptomen heb. Vooral coördinatieproblemen,zodat je de eerste uren ’s ochtends rare danspasjes maakt voordat je je balans een beetje hebt gevonden of dat je later op de dag van vermoeidheid niet goed meer uit je woorden komt. Misschien is het verdringingsgedrag. Mijn omgeving verwijt me wel dat ik het allemaal zit te bagatelliseren. Maar ik vergelijk me wel eens met mensen met MS uit mijn omgeving of tegenwoordig op Internet En dan denk ik, nou ja, het gaat best redelijk met mij”.

Bootjesman

933mszien0107roeienvoormspa

Dan begint JanF enthousiast over zijn zoon te vertellen. “Wendel is een pure bootjesman. Vroeger al met zijn twee jongere broers. Het kattenkwaad op en om het water dat ze uithaalden, dat dat allemaal goed is gegaan! Hij heeft iets onrustigs, iets avontuurlijks. Ik had een boekje over twee Engelsen die de oceaan wilden oversteken maar die dat niet hebben gehaald. Het scheepje is, op zijn kop drijvend, maanden later door een passerend vrachtschip ontdekt. Helemaal overwoekerd met zeepokken, maar met niemand meer aan boord uiteraard. Dat verhaal sprak Wendel wel aan”.

Op de hogeschool InHOLLAND ontdekt Wendel het sloeproeien en daar onmoet hij Gijs die eveneens in het roeiteam zit. Het team wint meerdere races. Zoals tochten van Harlingen naar Terschelling of die tocht naar Engeland in 2003; het smaakte duidelijk naar meer. Met als voorbeeld ‘de oversteek’ in 2001 van twee teamgenoten, rijpt langzaam het idee dat ook zij een keer de Atlantische Oceaan met een roeiboot willen bedwingen.

Stapeltje multiplex

d69mszien0107roeienvoorms3

Ruim een jaar voor vertrek beginnen de voorbereidingen vaste vormen aan te nemen. Gijs en Wendel richten de Stichting Oceaanroeien op, gaan op zoek naar sponsors en naar experts die alles weten over zaken als voeding en oceaanroeien. Ze huren een loods om een boot te bouwen en schaffen een bouwpakket aan. “Nou ja, een stapeltje platen multiplex, dat je dacht, moet dát het nou worden, vertelt Jan-Frederik. “Een soort baby-patroon maar dan een paar maatjes groter. Als je kijkt naar de foto’s van de roeiboten, dan zie je dat ze, afgezien van het kleurenschema, tamelijk identiek zijn. Tachtig procent komt van dezelfde firma. Maar op onderdelen zijn ze toch aangepast. Oceaanroeiers hebben onderling veel contact om de laatste ervaringen uit te wisselen”.

Ook niet onbelangrijk is het inschakelen van familie en vrienden, om vele zondagen lang te helpen met schuren en het aanbrengen van epoxy. Op 22 december 2006 is het dan zover. Team Transatlantic, zoals ze zich noemen, begint aan de tocht van 2619 zeemijlen oftewel 4851 kilometer. Vertrekpunt is Gran Canaria. Doel is om de oversteek naar de Carribean binnen 60 dagen te maken, maar voor de zekerheid gaat er voor drie maanden eten mee.

Aan boord een automatische stuurinrichting en moderne communicatiemiddelen waaronder een laptop en een telefoon. “We hebben heel regelmatig contact gehad”, zegt de vader van Wendel.  “Als de telefoon ging, dan hoorde je dat geluid, dat zij dus al die tijd hebben gehoord, van de golven die klotsen tegen die hele dunne romp. Het klonk alsof je er bij was. En dan vertelde Wendel wat er zoals was gebeurd en soms kon je dat later dan ook weer op hun weblog lezen”.
Spannend was de ontmoeting op zee met twee Engelse roeiers. Op 12 februari kregen Gijs en Wendel een berichtje dat Ed en Stu, hun Britse ’tegenstanders’, die ze steeds voor waren gebleven, onvoldoende eten aan boord hadden. Of ze maar wat van hun eten wilden afstaan. Spannend was het om te lezen dat ze even in tweestrijd zaten: zou het een valstrik zijn zodat zij hun voorsprong zouden kwijtraken… Maar er volgde een rendez-vous en Ed en Stu werden heel gastvrij op nasi getrakteerd. Deze reddingsoperatie haalde zelfs de Telegraaf en SBS6.

Het goede doel

Waarom begin je aan zoiets? Op hun weglog www.oceaanroeien.nl schrijven Gijs en Wendel: “Waarom niet! Als je in je leven de kans krijgt om iets groots te doen moet je die kans met beide handen aangrijpen”. Maar naast het avontuur voor zichzelf willen ze ook roeien voor een goed doel en de keuze valt op de stichting MS Research.
Op 28 januari 2007 schrijven zij op hun weblog: “Na afloop van ons project zullen wij de boot, waar we anderhalf jaar onze ziel en zaligheid in hebben gestort, onze relaties voor op het spel hebben gezet, de baas tot wanhoop hebben gedreven en onze vrienden hebben verwaarloosd, verkopen. De opbrengst komt ten goede aan de stichting MS Research. Het is niet veel, maar wel het minste wat we kunnen doen. Daarna proberen we zoveel mogelijk de stichting MS Research onder de aandacht van het ‘grote publiek’ te brengen”.

Op 23 februari maakt de Ocean Rowing Society bekend dat Gijs en Wendel zijn gearriveerd op Antigua. “Helaas is het niet binnen 60 dagen gelukt, want als dat lukt, hoor je ook nog bij een speciale club”, vertelt JanF, maar 64 dagen is natuurlijk evengoed een prachtige prestatie”. Linda, vriendin van Wendel en Dominique, vrouw van Gijs, mét de kinderen staan hen in Antigua op te wachten.

Gijs en Wendel, gekleed in een T-shirt “roeien-voor-MS”, worden een paar dagen later ontvangen door de premier van Antigua en Barbuda, de Hon. Baldwin Spencer. Bovendien belooft de premier hun een eresleep naar het eiland Sint Maarten, als gevolg van het sportieve besluit een omweg te maken voor de hongerige Ed en Stu. Op dat Nederlandse eiland hadden Wendel en Gijs aanvankelijk willen eindigen. Ook die droom gaat nu alsnog in vervulling.

MSzien jaargang 2007, nummer 1.