″Zal ik dan maar wat vrolijker nieuws brengen?″ Ik kijk haar aan en weet eigenlijk meteen hoe laat het is. Uiteraard blijft het een vermoeden en zoekend naar enige bevestiging daalt mijn blik zo onopvallend mogelijk af naar haar buik. Een antwoord ligt al klaar op het puntje van mijn tong. Maar om dat wat ik denk meteen te gaan verwoorden is natuurlijk flauw. Het is voor haar veel leuker om zelf het heuglijk feit te melden. Een ″wat leuk voor jou, gefeliciteerd!″ slik ik net op tijd in.
blog-kind-geert-jan-7-september-2018

Even daarvoor ben ik vanuit mijn slaapkamer de woonkamer ingereden. Na het ochtendritueel begint hiermee het volgende bedrijf van de dag. Ook voor mij geldt dat een blauwe ochtendhemel met een nog voorzichtig zonnetje de dag een stuk positiever zou laten beginnen. Maar waar gordijnen op mijn slaapkamer mij nog konden behoeden, word ik in mijn woonkamer meteen geconfronteerd met het druilerig tafereel wat zich buiten afspeelt. Het moment dat ik deze teleurstelling uitspreek grijpt de Adl’er aan om haar mededeling te doen.

Dat ik meteen al het idee had dat zij zwanger zou zijn, was niet meer dan een vermoeden. Niet omdat dit al overduidelijk te zien was. Trouwens, dan nog blijft het enorm riskant om een dergelijke aanname aan de betreffende vrouw te uiten. Daar weet ik ondertussen alles van. Ooit was ik er getuige van dat vrouw A uit het niets haar hand op de buik van vrouw B legde. Daarbij woorden gebruikend als ″wat leuk, gefeliciteerd! Hoe lang al?″ Maar zij sloeg de plank dus volledig mis. Een dergelijk gênante vertoning zou mij nooit overkomen nam ik mij voor. Maar ondertussen zat ik er met een ″klopt het wat ik denk te zien?″ al tot tweemaal toe naast. Fout, fout, fout!

Zwangerschap blijft indrukwekkend. Misschien is er niets mooier dan het zien van zwangere vrouw. Het zwanger zijn op zich is uiteraard een ander verhaal. Respect voor (aanstaande) moeders. Als vanzelfsprekend gaan mijn gedachten naar Susanna en Rosa. Herinneringen aan beide zwangerschappen, de bevallingen en daarna. Het verleden, het nu. Naar het papa worden, het vader zijn. De wijze hoe ik het vaderschap de laatste jaren heb moeten invullen is helaas steeds minder volledig, maar desondanks nog steeds volwaardig.

Of ik bang ben voor de toekomst, werd en wordt mij wel eens gevraagd. Nee, ja, soms, een beetje. Nu ik fysiek gezien niets meer kan, maar daarentegen nog een rijk leven heb, ken ik geen angst meer. Als mijn hoofd het maar blijft doen, dan vind ik alles best. En de toekomst? We zien wel!

Waar ik enigszins tegenop kan zien, betreft de toekomst van mijn dochters. Dat kleine meisjes groot worden, weet ik. Ondertussen gaat Rosa, mijn tweede dochter, dit schooljaar examen doen. Susanna woont op kamers en studeert in Groningen.

Dat loslaten niet altijd makkelijk is, zullen andere ouders herkennen. Waar gaan ze werken? Waar gaan ze wonen? Wat zal mijn positie zijn? Ik zal mijn meiden geheid minder zien. Ik zal niet kunnen helpen met klussen. Dat doen vaders toch? Kan ik daar dan überhaupt wel naar binnen?

Wat ik zeg: we zien wel!

Geert Jan

Fotografie: Ali Huisman

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *