Volwaardig meedoen in de samenleving nog niet voor iedereen

Volwaardig meedoen in de samenleving is nog niet voor iedereen weggelegd. Zo blijkt uit nieuw inventariserend onderzoek door het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP; juni 2021).

Uit de analyse van diverse data en interviews komt naar voren dat mensen met een ziekte of handicap minder meedoen in de samenleving dan zou moeten op basis van het – ook door de Nederlandse overheid van kracht verklaarde – VN Verdrag Handicap.

Supermarkten, overheidsinstanties en grote bedrijven zijn al goed op weg, maar anders is het gesteld met het uitgaansleven, sportclubs en kleine winkels. Daar laat de toegankelijkheid en ook de omgang met mensen met een makke nog veel te wensen over. Wat vooral moeilijk blijkt te zijn is de emotionele omgang met mensen met een handicap. Er wordt nog veel gestaard, weggekeken en genegeerd. Soms worden mensen met een handicap zelfs ronduit grof benaderd of uitgescholden.

Zo werden 10 jongeren in een rolstoel,  die op Texel uitgingen uit de gelegenheid gezet, omdat ze volgens de eigenaar van het etablissement teveel ruimte innamen. En dat was slecht voor zijn omzet.

Een van de door het SCP geïnterviewden, Ronald, 40 jaar en rolstoelgebonden door een dwarslaesie, vertelt: “Ja, ik ben gewend dat er naar me gekeken wordt, maar als ik bijvoorbeeld naar het strand ga, vind ik dat wel ongemakkelijk. Ik zoek wel een plekje waar ik fijn zit en niet zo bekeken word. In het park heb ik dat ook wel, maar daar weet ik ook mijn eigen plek te vinden waarvan ik denk: hier zit ik op mijn gemak. Na 30 jaar rolstoel weet je gewoon dat je nagekeken wordt, dat er naar je gekeken wordt. Daar word je toch wel een beetje immuun voor.”

Winkeltjes

Grote winkels zijn al wel ingericht op het ontvangen van mensen met speciale behoeftes, maar vooral kleine winkeltjes kunnen de toegankelijkheid moeilijk voor elkaar krijgen, zo registreert het SCP. Er is te weinig ruimte en veel kleine pandjes hebben trappen. Ook de inrichting van de buitenruimte in oudere steden is voor mensen met een handicap een probleem: te smalle stoepen, ongelijk plaveisel en trappen.

Lastig

Toegang krijgen, dat is voor veel zieken en gehandicapten erg lastig. Het bereiken van een locatie is een ding. Maar dat je nooit zonder vooronderzoek spontaan ergens heen kunt gaan, maakt dat gehandicapten er maar van afzien om uit te gaan.De inspanning die je vooraf moet leveren is een grote mentale belasting. Daarnaast vinden veel mensen het  moeilijk te bepalen hoe om te gaan met medemensen die hulp nodig hebben of er anders uitzien. Ook kunnen ze niet goed inschatten wat iemand nodig heeft. Nog regelmatig worden er denigrerende opmerkingen gemaakt, kijkt men over je heen of staart men je aan.

Zo vertelde Sinan, een veertiger die een kruk en soms een rolstoel gebruikt: “Als mensen mij zien binnenwandelen in een formele setting, dan is het altijd: ‘Oh’, weet je wel, ‘Oh wat heeft die?’ En de tweede associatie is: ‘Is die op niveau?’ Want dat associëren mensen wel degelijk. En na twee zinnen is het oké omdat ze weten dat er iets fatsoenlijks uit m’n mond komt. En dan valt het mee. […] Ik los het op met een ijsbreker in de vorm van een grap. […] En ik vraag me af: is dat erg? Nee, het is een vaardigheid die ik meer mensen gun, meer invaliden gun, in plaats van dat ze zich gelijk aangesproken voelen of gediscrimineerd voelen of in een hoekje gezet.”

Uitkering

Het feit dat mensen met een handicap minder vaak een betaalde baan hebben en rond moeten komen van een uitkering, draagt er ook aan bij dat ze minder participeren in de samenleving. Een kaartje voor een concert, of het nu pop is of klassiek, kost – zodra het weer mogelijk is in deze coronatijd – zomaar € 50. En wil je naar een groot festival of wereld artiest dan moet je al snel meer dan 100 euro neerleggen. Heb je dan een kaartje, dan zit je ergens achteraan en kun je niet bij je vrienden aanschuiven. Of je kunt niet door de mensenmassa zonder hulp om een biertje te halen, laat staan iemand zien te vinden met de sleutel van het invalidentoilet.

Doelen nog niet bereikt

Het VN-verdrag voor de rechten van mensen met een handicap bestaat inmiddels vijf jaar. Er is een Participatieweten de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) opgetuigd om ondersteuning te bieden, maar die blijken hun doelen – nog- niet te bereiken, aldus het SCP. Gehandicapten ervaren lange wachttijden, een zoektocht naar loketten en gemeenten die bezuinigen,  waardoor niet de juiste hulp wordt verkregen.

Het niet betrekken bij het beleid van de mensen die het aangaat, maakt dat er besluiten genomen worden die negatief uitpakken. Zo zijn er autoluwe binnensteden bedacht, waar je dicht bij je bestemming niet kunt parkeren, te weinig gehandicapten-parkeerplaatsen zijnen andere doelgroepen soms voorrang krijgen.

Een recent voorbeeld van het laatste is te vinden in de gemeente Zoetermeer, waar aan de rand van het stadshart een halve stoep moest wijken voor een fietsenstalling. Een rolstoel kan er daardoor niet meer langs en moet van de stoep af. Ook andere gemeenten willen nog wel eens voorbijgaan aan de behoeften van mensen met een handicap, concludeert het SCP-rapport.

Recent nieuws uit Almere onderstreept deze conclusie. De gemeente Almere wil bezuinigen op welzijnswerk, terwijl daar juist veel gehandicapten baat bij hebben en van afhankelijk zijn.

Het probleem bij de uitvoering van het VN-verdrag Handicap is volgens de onderzoekers dat het te vrijblijvend is en niet concreet genoeg. Kortom, er is nog heel wat werk aan de winkel om te komen tot een echte inclusieve samenleving.

Bronnen: www.scp.nl/publicaties/publicaties/2021/06/08/lang-niet-toegankelijk

www.scp.nl/actueel

www.fnv.nl

www.nhnieuws.nl/cafe-op-texel-zet-jongeren-in-rolstoel-de-deur-uit

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *