HOOGTEPUNTEN ECTRIMS-CONGRES 2016 IN LONDEN

Van 14 tot 17 september jl. werd in Londen het jaarlijkse ECTRIMS-congres gehouden. Er kwamen meer dan 9.000 onderzoekers en gezondheidswerkers bijeen om zich op de hoogte te stellen van de laatste ontwikkelingen op het gebied van MS. Er kon worden geconstateerd dat er flinke vooruitgang was geboekt. Met name was veel nieuw onderzoek gedaan naar progressieve vormen van MS.Ectrims Londen 2016

Hoogtepunten waren onder andere:

SIPONIMOD

Over siponimod werden positieve resultaten gemeld. Het middel kan worden vergeleken met fingolimod. De werking ervan is echter meer gericht op de witte bloedcellen. Daardoor heeft siponimod minder bijwerkingen dan fingolimod terwijl de vergelijkbare gunstige effecten behouden blijven.

Tijdens het Fase III onderzoek, EXPAND, kregen de proefpersonen ofwel dagelijks oraal een tablet siponimod of een placebo toegediend. Uit verdere resultaten van het onderzoek bleek dat na 3 en 6 maanden de proefpersonen met siponimod een vertraging van progressie gemeten volgens de EDSS-score vertoonden.

Fabrikant NOVARTIS is voornemens goedkeuring aan te vragen om siponimod formeel als geneesmiddel ter behandeling van SPMS te laten registreren. De resultaten van het onderzoek zijn al voor publicatie ingediend. Details zullen direct na publicatie bekend worden gemaakt. Nadere informatie is te vinden op International Progressive MS Alliance website.

FLUOXETINE

Fluor-PMS, een onderzoek in Nederland en België waaraan meerdere onderzoekscentra deelnamen, leverde voor fluoxetine bij behandeling van progressieve vormen van MS negatieve resultaten op. Fluoxetine wordt hoofdzakelijk als antidepressivum toegepast. Het kan echter ook de hersencellen beschermen tegen afsterven (degeneratie).

De onderzoekers wilden nagaan of het middel mogelijk ook progressie van MS zou kunnen remmen. De proefpersonen bij dit onderzoek hadden ofwel SPMS of PPMS. Een groep van 68 personen kreeg een placebo, een tweede groep van 69 personen kreeg fluoxetine toegediend. Na 108 weken was tussen beide groepen geen significant verschil te zien in snelheid van progressie.

Het middel leverde voor personen met progressieve MS geen significante verbetering op. Wel is een trend te zien naar vermindering van progressie van invaliditeit. Om dit te bevestigen is echter uitgebreider en langduriger onderzoek nodig.

MS-SMART: melding wervingsfase

Er werden drie onderzoek abstracts gepresenteerd waarin de wervingsfase voor een veelbelovend medicijn bedoeld voor personen met SPMS werd gemeld, het MS-SMART (Secondary progression Multiple Arm Randomisation Trial). Dit is een onderzoek voor SPMS waarbij drie medicijnen tegelijk worden getest:

·         Amiloride – geregistreerd voor behandeling van hartkwalen

·         Fluoxetine – geregistreerd voor behandeling van depressie

·         Riluzol – geregistreerd voor behandeling van motor neuron ziekte, een zenuw- en spierziekte (MND)

Het betreft een lopende studie op 13 verschillende locaties in het VK. Er doen in totaal 440 proefpersonen bij wie een verslechtering van SPMS is opgetreden aan mee. Deze zijn verdeeld over 4 groepen: 1. Placebo, 2. Riluzol, 3. Fluoxetine, 4. Amiloride.

De proefpersonen zullen 96 weken worden gevolgd. Daarbij zal het effect van de medicijnen afzonderlijk worden beoordeeld op klinische uitkomsten en uitkomsten van invaliditeit en MRI-scan. Naar de resultaten in de komende jaren wordt met belangstelling uitgezien.

LIPONZUUR

Er wordt ingegaan op de vraag of liponzuur, dat de werking heeft van een antioxidant, kan worden ingezet voor behandeling van personen met SPMS. In de VS is een klinisch onderzoek uitgevoerd waarbij 54 proefpersonen met SPMS waren betrokken. Deze werden verdeeld over twee groepen. De ene groep kreeg een placebo, de tweede groep een tablet liponzuur.

Na 96 weken follow-up toonden de resultaten van dit onderzoek aan dat de groep met liponzuur een lager percentage van hersenkrimp vertoonde. Er was geen significante invloed van de behandeling op invaliditeit en klinische metingen in personen die de behandeling kregen. De auteurs benadrukken dat onderzoek met meer proefpersonen noodzakelijk is om de effectiviteit van liponzuur te bewijzen.

ORATORIO-trial

ORATORIO is een geneesmiddelonderzoek waaraan een aantal onderzoekscentra uit meerdere landen deelnamen. Tijdens het ECTRIMS-congres werden onderzoeksgegevens gepresenteerd over ocrelizumab. Dit is een medicijn bedoeld voor behandeling van personen met PPMS.

Hieruit kwam veelbelovende informatie naar voren. Behandeling met ocrelizumab bleek consistent positieve effecten te hebben op loopvermogen en remde de progressie van invaliditeit. De meest voorkomende bijwerking van het medicijn was een reactie op de infuusplaats.

RISICOFACTOREN VOOR MS

Risicofactoren voor het ontstaan van MS zijn: roken, Vitamine D-spiegel en obesitas. Bij een deel van de personen die MS krijgen, begint de ziekte zonder dat aan alle MS-criteria is voldaan. Deze fase wordt aangeduid als ‘clinically isolated syndrome (CIS)’. Personen met CIS kunnen (maar dat hoeft niet altijd zo te zijn) na verloop van tijd MS ontwikkelen. Factoren die overgang van CIS naar MS kunnen beïnvloeden, zijn van groot belang als zij kunnen worden bijgesteld en het percentage gevallen waarbij overgang van CIS naar MS plaatsvindt, beperken.

Onderzoekers van het MS-centrum in Barcelona (CEMCAT) deden verslag van de uitkomsten van hun studie naar het verband tussen Vitamine D en roken  op het tijdstip van de diagnose CIS  ten aanzien van het risico op ontwikkeling van MS en progressie van invaliditeit, bij proefpersonen die gedurende meerdere jaren waren gevolgd.

Het bleek dat een lage Vitamine D-spiegel en roken geen directe invloed op de overgang van CIS naar MS hadden. Wel werd geconstateerd dat een lage vitamine D-spiegel en roken het ontwikkelen van invaliditeit significant deden toenemen. Als beide factoren zouden worden bijgesteld, zou dit progressie van invaliditeit bij personen met CIS kunnen vertragen.

Deens onderzoek toonde aan dat roken bij personen met RRMS respons op de behandeling met interferon significant beïnvloedde. Behandeling met interferon sloeg bij hen veel minder aan.

In een Amerikaanse studie werd nagegaan of overgewicht/obesitas invloed had op het ontstaan van MS. Er bleek een causaal verband te bestaan tussen abnormale toename in lichaamsgewicht en risico op ontstaan van MS. Volgens de auteurs zou dit kunnen komen omdat obesitas het immuunsysteem beïnvloedt.

VERGELIJKING ALEMTUZUMAB, NATALIZUMAB OF FINGOLIMOD

Verslag van MS Research Australia
De presentatie van Dr.T.Kalincik en collega’s trok veel belangstelling. Zij hadden een belangrijk onderzoek uitgevoerd waarbij de klinische gegevens van personen die alemtuzumab, natalizumab of fingolimod hadden gekregen, werden vergeleken. Zij maakten gebruik van alle verzamelde internationale gegevens in de MSBase-database.

Uit het onderzoeksresultaat bleek dat alemtuzumab en natalizumab beter in staat waren relapsen en progressie van invaliditeit terug te dringen dan fingolimod. Natalizumab en alemtuzumab bleken vergelijkbaar wat betreft het terugdringen van relapsen en progressie van invaliditeit, waarbij natalizumab vaker een vroege verbetering van invaliditeitsniveau te zien gaf.

Uiteraard geven deze resultaten het totale effect binnen een brede bevolkingsgroep weer. Per individu zouden er aanzienlijke verschillen kunnen optreden. Besluitvorming over de behandeling moet dan ook worden gebaseerd op andere factoren. Bijvoorbeeld de algehele gezondheidstoestand, gezinsplanning en andere factoren die met werk en privéleven van ieder individu samenhangen.

Bron: https://www.msif.org/news/2016/09/21/what-happened-at-ectrims-2016/

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *