Conclusie ECTRIMS: Stamceltherapie bij RRMS vaak beter dan medicijnen

Vaak blijken bij de RRMS-vorm van multiple sclerose de resultaten van stamceltherapie (aHSCT) beter dan de behandeling met de nieuwste medicijnen. In elk geval als het gaat om een snel agressief verloop van MS op tamelijk jonge leeftijd. Dit was een van de conclusies op het 38e wetenschappelijke ECTRIMS-congres, dat van 26 tot en met 29 oktober 2022 is gehouden in de Amsterdamse RAI.

ECTRIMS logoECTRIMS is de Engelstalige afkorting van de Europese wetenschapskoepel op het gebied van behandeling en onderzoek naar MS. Het congres in Amsterdam werd bijgewoond door bijna 9000 mensen – meest neurologen – uit zo’n honderd landen.

Geen terugval

Een kleine tweehonderd van hen lichtten op het congres hun nieuwste onderzoeksresultaten mondeling toe. Drie van die presentaties gingen over stamceltherapie bij MS. Zo beklemtoonden neuro-onderzoekers van de universiteit in het Italiaanse Genua, dat duidelijk is aangetoond dat ten minste 70% van met stamceltherapie behandelde RRMS-patiënten in vijf jaar geen terugval heeft ondervonden.

Volgens deze wetenschappers bleek bovendien dat zeker 10-15% van de onderzochte RRMS-patiënten zo’n agressief beloop kende van de ziekte dat er geen reacties waren te merken op de zogeheten ziektemodulerende medicatie (in het Engels afgekort DMT). Daarbij gaat het bijvoorbeeld om de middelen figolimod (merknaam Gilenya ®), ocrelizumab (Ocrevus ®) en natalizumab (Tysabri ®).

Invloed medicijnen

De mogelijke invloed van die medicijnen stond centraal in een ander op het congres gepresenteerd onderzoek van zes aHSCT/MS-centra, verspreid over de hele wereld. Zij lieten zien dat bij zeer actieve RRMS figolimod het duidelijk aflegt tegen de combinatie van chemobehandeling plus stamceltransplantatie. En het terugval-werende effect van ocrelizumab en natalizumab is volgens hen hooguit vergelijkbaar met dat van aHSCT.

Deze onderzoekers komen tot hun conclusies door de resultaten van de centra te vergelijken met de effectiviteit van de behandeling van MS-patiënten van wie de gegevens zitten in MSBase. Dit is een internationaal computerregister met gegevens van meer dan 80.000 MS-patiënten verdeeld over 50 landen.

De onderzoekersresultaten van de zes aHSCT/MS-centra werden nog eens extra onder de aandacht gebracht door de Londense hersenwetenschapper professor dr. Alan Thompson tijdens de afsluitende, speciaal voor patiënten opgezette  presentatie op zaterdag 29 oktober 2022. Die was ook via internet te volgen.

Agressieve RRMS

Een derde aHSCT-onderzoek dat aandacht kreeg in Amsterdam was er een van de universiteit in het Zweedse Stockholm. Met als belangrijke uitkomst: “Verschillende gegevens ondersteunen de uitspraak dat aHSCT een veelbelovend alternatief is voor behandeling bij agressieve RRMS, met name in het vroege ziekteverloop.”

Stamceltransplantatie is voor MS-patiënten in Nederland niet beschikbaar en wordt hier niet vergoed. Om die reden gaan steeds meer Nederlandse MS-patiënten na fondswerving naar een buitenlandse transplantatiekliniek.

Eerder in 2022 schonk ECTRIMS al aandacht aan aHSCT in een speciale ‘workshop’. Zie: https://msweb.nl/magazine/ms-zien-2022-2/ectrims-workshop-stamceltransplantatie-bij-ms/

Leefstijl en voeding

In de sessie op de slotdag kwam onder andere dr. Brigit de Jong (neuroloog van het Amsterdams Centrum en een van de medische adviseurs van MS Vereniging Nederland) aan het woord. Zij ging vooral in op het onderzoek dat mede onder haar regie loopt, met de titel Leefstijlinterventie voor mensen met MS (LIMS).

Daarin is de vraag wat de invloed kan zijn van leefstijl en voeding op het leven van MS-patiënten. Brigit de Jong gaf aan dat het ernaar uitziet dat een mediterraan dieet met meer groenten en fruit, gebruik van olijfolie en noten en minder rood vlees, beter is. Niet alleen voor mensen met MS trouwens. Overigens beklemtoonde Birgit de Jong dat verandering van voeding en leefstijl niet in de plaats kan komen van medicatie.

Overige onderwerpen

Andere onderwerpen die ruime aandacht kregen op ECTRIMS 2022 waren onder meer:

  • de invloed van het coronavirus op MS
  • NMO (SD)
  • de invloed van het Epstein-Barrvirus (EBV)
  • de veranderende rol van verpleegkundigen in de MS-zorg

De slotsessie van het ECTRIMS-congres is in verschillende talen (waaronder het Nederlands) terug te zien via: https://2022.ectrims-congress.eu/event/

Bronnen

Diverse, waaronder:

https://2022.ectrims-congress.eu/

https://journals.sagepub.com/doi/full/10.1177/13524585221123685

https://nationaalmsfonds.nl/onderzoek/lims/ https://msweb.nl/ms-onderzoek/onderzoeksartikelen/ahsct-voorkeur-boven-dmt/

 

 

Dit bericht heeft 3 reacties

  1. Hoewel de titel juist is: “Conclusie ECTRIMS: Stamceltherapie bij RRMS vaak beter dan medicijnen” vond ik het meest opzienbarende uit deze onderzoeken: “Hoog-effectieve MS-medicatie is net zo effectief als HSCT”.
    Heel veel onderzoeken hebben de superieuriteit van HSCT over andere MS-medicatie laten zien. Maar dat
    een selectief aantal medicijnen net zo effectief lijkt, dat is nieuws.
    Dit zegt overigens niet dat die hoog-effectieve DMTs (Lemtrada, Mavenclad, Tysabri, Ocrevus, Kesimpta) voor iedereen goed werken. Daarom is het ESSENTIEEL dat, voor mensen bij wie deze medicijnen de ziekte-activiteit niet voldoende tegenhouden, HSCT zo snel mogelijk een vergoede optie wordt.

    Ik heb de studies waar naar gerefereerd wordt aandachtig bekeken en hier samengevat: https://www.msinbeeld.nl/2022/11/01/ectrims_hsct_kalincik/

  2. Naschrift van de redactie:
    Zoals zo vaak in de wetenschap zijn op onderzoeksresultaten vaak uiteenlopende klemtonen te leggen. Want waar MSweb concludeert dat uit onderzoeken blijkt dat stamceltherapie bij RRMS vaak beter werkt dan medicijnen, kun je ook een bericht maken met de kop: Medicijnen bij RRMS soms net zo goed als stamceltherapie. Wie de uitleg van Bram Platel bijhoudt – die dit onderwerp al sinds jaar en dag op de voet volgt – weet dat dit niet met elkaar in tegenspraak is. Waarbij ook nog eens erg duidelijk is dat uit de nieuwste onderzoeken opnieuw blijkt, dat het alleszins gerechtvaardigd is om ook in Nederland aHSCT aan te bieden als aanvulling op het behandelpakket. Dat stamceltherapie in elk geval een optie moet zijn zodra blijkt dat de DMT’s niet genoeg werken, vooral als er sprake is van een vroeg agressief ziekteverloop van RRMS.

  3. De discussie omtrent HSCT gaat al een tijd niet meer over òf HSCT een behandeloptie moet zijn voor MS, maar wàt de plaats van HSCT is in de behandeling van MS. Dat zag je op de ECTIMS dit jaar ook terug.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *