Column Marja Morskieft

‘Iedereen is wel eens moe’, zegt de keuringsarts die als enige doel heeft zoveel mogelijk mensen uit de arbeidsongeschiktheidsregelingen te houden, ‘en u gaat er gewoon bij zitten, terwijl anderen dóórgaan!’

ziek, moe, fatigue‘Vermoeidheid is een moeilijk te behandelen symptoom van MS’ verzucht de neuroloog, ‘en u reageert  ook nog eens extreem op alle medicatie…’

‘Het is een kwestie van balans’, maande de fysiotherapeut, nadat hij van z’n stoel gevallen is bij het lezen van mijn zelf ingevulde activiteitenlijst. Hij deed althans behendig alsof en ik keek jaloers toe, ik zou allang te pletter gevallen zijn bij zulke bewegingen.

Ik onderteken de mails aan mijn kinderen met ‘doei, je moei’. Want zij kennen me niet anders dan moe, uitgeteld, gevloerd, tenminste de helft van de dag. Laat mij maar op een bankje achter terwijl jullie het bos verkennen. Gaan jullie maar zwemmen, ik blijf op bed. Laat mij maar een dagje alleen, ik ben te moe om te praten.

Vermoeidheid, dat is ’s nachts vaak wakker worden omdat je benen in brand staan. Voelen dat je adem zeer doet in je longen. Weten dat je je programma voor de volgende dag wel kunt schrappen omdat je alleen maar plat wilt blijven liggen, gordijnen dicht, geen geluid alsjeblieft.

Vermoeidheid, dat is ’s morgens misselijk aan het ontbijt zitten. Eén oog dat wazig de wereld bekijkt, het andere oog trilt. Handen die misgrijpen. Benen die zwabberen.

Vermoeidheid, dat is frisch und fröhlich opstaan. Een goede dag! Bakken met energie, plannen te over om de wereld in te gaan. Maar het is benauwd, warm weer. Na twee uur voelt het of je benen vol zand zitten. Je krijgt ze bijna niet aangestuurd. Je hoofd is wazig, je volgt het interview op de radio niet meer, hoe je je ook concentreert. Accu leeg, dag afgelopen.

Vermoeidheid, dat is dizzy op de scootmobiel klimmen, eigenlijk te moe vandaag, maar ja, belangrijke afspraak. Gelukkig is het steenkoud met een snijdende wind die je bij de les houdt. Je hoofd wordt helder en niet lang daarna lijkt het of de mist uit je lijf trekt. IJskoude benen, maar: ze luisteren! Zonder te wankelen loop je een paar honderd meter. Was het niet door de stok, niemand zou zeggen dat je iets mankeert. Dat je ‘vermoeid’ was.

Vermoeidheid, dat is futloos naar je leven van alledag kijken, het vergelijken met de in alle media opgehemelde sportprestaties en simmen; ‘Wat kan ik nu helemaal?’ Dan maar felroze geraniums in potten planten, en daar vrolijk naast gaan zitten schrijven, in een zachte zomerzon.

Vermoeidheid, dat is een betonnen plaat die onverwachts op je valt, op een dag dat je ver van huis enthousiast een symposium volgt. Fris van huis vertrokken, dag ervoor rustig geleefd, goed geslapen en prima reis gehad. En na de uitgebreide lunch wil je ineens liggen. Alleen maar liggen, maakt niet uit waar. En je wanhoopt: hoe kom ik thuis?? In het toilet laat je koud water over je polsen stromen. Na een uur trekt het bij. De volgende dag ben je niet aanspreekbaar. Elk woord kost moeite. Moe? Dat is een eufemisme.

Vermoeidheid bij MS, dat heet deftig fatigue. Dat voelt al een stuk beter. Nuffig trek ik mij met een kopje thee onder een dekentje terug op de sofa.

Vermoeidheid, dat is grimlachen van herkenning bij een gedicht van Czeslaw Milosz:

“Mijn lichaam wil mij niet gehoorzamen.

Het valt op een effen weg, komt met moeite de trap op.

Ik sta er satirisch tegenover. Ik lach het uit,

Met zijn flodderige spieren, slepende voeten, blindheid, (…) “*

 

Marja Morskieft, januari 2018

Fotografie: Maxim Wermuth

Muziek: Lavinia Meijer speelt Philip Glass:     https://www.youtube.com/watch?v=hV2-zFh3tAU

 

*De Nieuwe Eeuw  uit: Gedichten van Czeslaw Milosz,

Uitgeverij Atlas, 2003

Dit bericht heeft 1 reactie

  1. Ik kan me herinneren dat toen ik mijn vermoeidheid ‘fatigue’ noemde om aan te geven dat het serieus was,de bedrijfsarts zoiets zei als: “Ach, fatigue betekent gewoon dat je moe bent, daar hoef je geen Frans woord voor te gebruiken.” Toen met voorbeelden uitgelegd wat de vermoeidheid voor mij betekende; dat maakte wel duidelijk dat het niet zomaar iets is waar je overheen kunt stappen. Je moet het zelf eerst ervaren hebben om het een beetje te kunnen begrijpen. Het blijft moeilijk voor ‘buitenstaanders’, maar een beetje moeite doen om je in te leven is ook wel op zijn plaats. Zeker voor keuringsartsen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *