Column Marja Morskieft

De sportpagina’s in de krant sla ik meestal over. Sporten in teamverband vond ik als kind al gruwelijk. Het móest, op school, maar nadat ik mijn eindexamen had gehaald was dát de grootse opluchting: nooit meer handballen. Ik las liever.

gehandicapt, sportIk vond het wel fijn om ver te fietsen, dagen met de rugzak behangen met pannetjes door de moordende hitte van de Alentejo te lopen, of ’s morgens voor dag en dauw baantjes te trekken in het sportfondsenbad. Ook een vreemde gewoonte, maar ik verbeeldde me dat ik steeds sneller zwom. En de chloorwalm hield opdringerige jongens op afstand, destijds een prettige bijkomstigheid.

Het zal me dus worst wezen dat de Olympische Spelen zijn begonnen of dat de Zuid- Koreanen collectief juichen bij het heilig Olympisch vuur- iets dat ze heel goed kunnen overigens.

Maar over het heilige vuur dat individuele sporters drijft, lees ik graag. De verhalen van  fietsers en snowboarders verslind ik: ik herken me erin. Neem de kop boven een artikel in mijn ochtendkrant: “Die betonnen benen, hoe kán dat toch?”

Dan heb je me meteen te pakken. Betonnen benen, die heb ik ook. En ik vraag me ook vaak vertwijfeld af: hoe kán dat toch’

Het verhaal van Thalitha de Jong, ex-wereldkampioen veldrijden, kan zo op het mijne geplakt worden. Geboeid lees ik verder: een mens identificeert zich graag met helden zoals zij. Een gekwelde held, dat wel, maar dramatisch gezien is dat een pré. Ik leef me nog meer in.

Thalita heeft pijn, maar waardoor? Vertwijfeld vraagt ze zich al waarom dit haar moest gebeuren. Op een moment dat alles klopte. Ja ja, knik ik dan. Ik had het ook allemaal best voor elkaar, studie, baan, kind, huis en een Fiat 127. De veldrijdster stort, in de voorbereiding voor de Wereldkampioenschappen in Luxemburg, in een steile afdaling van haar fiets.

Een boomwortel, een steen, wie zal het zeggen? Ze blesseert haar knie ernstig. Mijn knie sneuvelde na een aanrijding met een auto – een doorrijder, bedankt – en ik voel nog de pijn die dat deed. Ik was even oud als Thalitha. Bij mij markeerde dat knieletsel het begin van mijn fysieke verval. Ook Thalitha merkt: plotsklaps was het vermogen weg.  “Mijn benen voelden als betonblokken.”

Het verhaal neemt hier een treurige wending. Ze zoekt de oorzaak bij eerdere valpartijen en probeert de weg omhoog te vinden, maar na een flinke inspanning komt ze de volgende dag niet meer vooruit. Dat is overigens ook mijn dagelijkse realiteit. Elke inspanning  heeft z’n prijs. Soms is het ’t waard, soms ook niet.

Thalitha: “Ik ben niet zo’n aansteller, maar de pijn was zo heftig dat ik heb staan huilen.” Ik huil met haar mee, ook na zoveel jaren MS kan ik de teleurstelling dat ik dingen niet kan soms niet verteren en vraag ik me af : waarom? En, zoals de veldrijdster ga je dan weer op zoek naar een behandeling. Genezing zit er niet in, hoeft ook niet, ik hompel wel door het leven, maar die beenpijn, dat vuur in mijn bekken, het lood in mijn onderrug, dat moet toch minder kunnen. Thalitha wil weer door de modder ploegen, heel begrijpelijk. Ik wil weer pijnloos slapen en rechtop lopen. Zonder die betonnen zuilen mee te slepen.

Thalitha bezocht een osteopaat, liet scans maken, dacht na over cortisonen. Niets hielp. Zo herkenbaar. Ze ontmoet onbegrip: “Ze zeiden: het zit in je hoofd.” Geef mij zo’n reactie en de geest van Frances McDormand* vaart in mij.

Maar Thalitha geeft niet op, ze wisselt van ploeg en van trainer. Lijkt op mijn plan-B-tactiek: lukt het niet linksom dan wel rechtsom.

Ontroerd herlees ik het interview. Doet me zó goed om over de zoektocht van een lotgenoot te lezen! “Het is frustrerend, maar nee, aan stoppen denk ik niet.”

Go girl, go!

Marja Morskieft, maart 2018

Fotografie: Maxim Wermuth

·         Three Billboards outside Ebbing, Missouri

Muziek:Yentl en de Boer: Superhelden

Dit bericht heeft 2 reacties

  1. Heb jij al eens accupunctuur geprobeerd voor jou benen ? Ik ben bij een hele goeie hij heet Fabriek zit in Bergen ligt in noord Holland . Hij behandeld meerdere ms patiënten. En ik heb er vooral met mijn benen veel baad bij . Ik moet er anderhalf uur voor rijden . Maar ik heb het er voor over . Vriendelijke groet monique

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *