skip to Main Content

Verpakkingen

Er zijn maar weinig dingen in het leven die mij echt het bloed onder de nagels vandaan trekken. Maar ze zijn er wel. Namelijk: verpakkingen! Ok, niet alle verpakkingen. Maar toch wel het overgrote deel van…

column-140505-mariette-verpakkingenNeem nou bijvoorbeeld de verpakking van een tandenborstel. Wel eens geprobeerd om zo’n ding uit de verpakking te krijgen zonder hem doormidden te breken? Of een pak houdbare melk. Het lukt mij niet om zo’n ding open te krijgen zonder dat het treklipje loslaat van het aluminium afdekstripje. Gevolg: altijd geklooi met aardappelschilmesjes om te proberen toch de begeerde inhoud van het pak te bereiken zonder dat het aluminium afdekstripje in het pak verdwijnt in plaats van in de prullebak.

Nog zo’n voorbeeld: een pakje voorverpakte vleeswaren. Staat er grijnzend op de zijkant: ouvrir ici (dat begrijp ik met m’n krakkemikkige Frans: hier openen), zoek ik me eerst ongans naar het losliggende flapje waaraan je het plastic loeder open moet trekken.

En als ik het eindelijk gevonden heb, dan trek ik eraan en… Scheurt het overal open, behalve op de plekken die ervoor bedoeld zijn. Mijn lief zegt dan meewarig: “Ach, kom maar schatje. Ik doe het verder wel.” Om vervolgens precies volgens het boekje mijn broddelwerk te voltooien. Inmiddels zijn mijn ogen wit weggedraaid en verhindert het schuim op m’n lippen het uitspreken van een fatsoenlijk dankjewel.

Ok, ik geef toe. Ik ben nooit een wizzard geweest met verpakkingen. Maar een paar jaar geleden heeft de MS me flink te grazen gehad met gevoelsuitval en dito stoornissen in – onder meer – mijn handen. En sindsdien is het land der verpakkingen voor mij vrijwel onbegaanbaar gebied. Het pellen van eieren bijvoorbeeld (weliswaar een natuurlijke verpakking, maar toch…) is in meerdere opzichten een beproeving. Sowieso voelt dat pleuris-ei bijna altijd te heet aan, terwijl ie dat niet is. En dan moet ik met half gevoelloze vingers de schaal eraf zien te peuteren. Ja: kansloos. Bijna net zo kansloos als het pellen van de verpakking van een chocoladepaaseitje.

Het openen van blikjes – kattenvoer, bier, frisdranken – is een crime. Mijn gevoelloze vingertoppen proberen te ontdekken waar het lipje van de opening zit. Vervolgens heb ik dat gevonden: krijg ik m’n vingertop er toch niet onder en breekt onhandig m’n nagel af; daarna rest er alleen nog het betere tandenwerk (geen aanrader) of het alom geprezen aardappelschilmesje.

En wat te denken van die grapjassen die een verpakking in een verpakking verstoppen?! Ben ik net blij de ene hindernis te hebben genomen, dient de tweede zich aan. “Ja, mevrouwtje; dat doen wij om de versheid te garanderen.”

Maar de eerlijkheid gebied me te zeggen dat de farmaceuten voor mij de prijs winnen van meest sadistische verpakkingsuitvinders. Ten eerste wijzigen ze ze om de haverklap. Ben ik net gewend aan het peuteren in kunststof, kan ik weer gaan oefenen op aluminium. Ben ik net gewend aan het aluminium, bijt ik m’n tanden weer vast in aluminium met kunststof ondergrond. Vaak is de verpakking te groot voor de pilletjes, waardoor ik duw in een berg lucht en nooit te zien krijg wat ik wilde innemen. Of denk ik dat m’n pilletjes allang op zijn, omdat het stripje bestaat uit allemaal gedeukte bergjes waardoor ik denk dat ik alles al opgesnoept heb.

De enige vooruitgang in verpakkingswereld zijn de wijnflessen. Deze zijn tegenwoordig bijna allemaal gezegend met een schroefdop. Hoef ik niet meer aan mijn lief te vragen om een flesje voor me open te rukken. Nadeel natuurlijk is dat ik blijmoedig mezelf met wijn kan bedruipen. En dat – wanneer ik moet kiezen tussen wijn of medicijn – de keuze nogal voor de hand ligt.

Mariëtte, mei 2014

Fotografie: Martin de Bouter

Back To Top