Column Mariette

Treeplankplassen

Ieder mens zal het gegeven wel kennen: je bent bezig met een lange autorit door onontgonnen gebied, geen tankstation in de buurt en je moet echt nodig plassen. Sterker nog: het komt je je oren uit. Dat wordt wildplassen!

Treeplankplassen
Treeplankplassen

In plaats van lekker van de rit te genieten speur je continu naar een geschikte plasplek. Waar kan ik stoppen? Is er wel voldoende struikgewas? Zitten er geen enge beesten? Staan er geen brandnetels? Dat soort criteria.

En dan heb je een plekje gevonden, kom je erachter dat je beter geen witte broek had kunnen aantrekken en zeker niet zo’n wijde. En dat je slippers niet echt geschikt zijn voor onherbergzaam terrein. En dat het terrein echt wel scheef loopt en dat dat rotsblokje toch wel een plas-in-de-weg is dat spetterend terugplast.

Vroeger, toen ik nog kleine Marjetje was, was het leven simpel. Ik dook langs de kant van de weg tussen de twee portieren van mijn vaders auto. Mijn moeder gaf mee een wc-papiertje aan en het enige waar ik op moest letten was dat ik niet over m’n schoenen plaste. Dat gebeurde natuurlijk wel want tussen de twee portieren kon het ook wel flink tochten. En ik checkte in mijn kinderlijke onschuld meestal niet de windrichting.

Mijn lijf was jong, de beentjes soepel en als voorbijgangers onverhoopt toch mijn blote kinderbipsje zagen dan was dat jammer. “Ach,” zei mijn moeder, “Dat zien ze toch niet!”. Kinderporno was nog ver weg.

Tegenwoordig is er wel wat veranderd. Mijn lijf is inmiddels stram en laten we het maar niet hebben over soepele benen, want die heb ik dankzij de MS niet meer. En als voorbijgangers onverhoopt een blik op mijn bleke volwassen vrouwen achterkant werpen rijden ze eerder tegen een boom vanwege de witte reflectie dan vanwege het mooie uitzicht.

Alle bijgedachten daargelaten, er is een flink probleem met mijn wildplasserij ontstaan: wanneer ik tegen de wind in, bergaf en min of meer onbespetterd na het plassen weer overeind wil komen, dan lukt dat niet meer. Want mijn benen willen niet uit de hurkstand komen. Ondanks urenlange oefeningen op de legpress bij de fysio lukt het me niet meer er een flinke squat uit te persen.

Hoe los ik dat dan op? Ik zou m’n wijde witte broek kunnen loslaten, mijn handen op de grond zetten en mezelf met veel mazzel kunnen opdrukken. Maar daar heb ik net geplast en die grote rode bosmieren kunnen toch heel naar steken?

Verder zou ik me op mijn billen kunnen laten zakken en dan op mijn knieen omhoog strompelen? Maar dan zit ik met mijn blote hajdewiets op die stekende rode bosmier gelardeerd met fijn grind, brandnetels en keitjes en moet ik met mijn witte broek op de knieen. Ook geen optie dus.

Of ik kan mijn lief – als die erbij is – roepen en mij zeer onelegant aan de armen omhoog laten sjorren. En dan vooral mijn broek niet loslaten want anders ligt ie alsnog in de urinemodder.

Ooit heb ik van mijn schoonmoeder een plastuitsetje gekregen. Ik weet niet of ze nog te koop,zijn, maar het concept was als volgt. De vrouw blijft – net als een kerel – staan, ritst haar broek los of frot onder haar rokje haar slip een beetje naar beneden, plaatst de plastuit onder haar plasbuis en zeikt vrolijk tegen een lantaarnpaal. Kan natuurlijk ook in een urinoir of gewone toiletpot, want die vrouwentoiletten… Ik weet niet wat ze er soms op doen… Nou, ja sommige dingen wil je ook niet weten…

Op de één of andere manier zag ik dat concept niet zo zitten. Ten eerste draag ik nooit broeken met een rits en graag lange, zwierige rokken. Ten tweede: heb je wel eens in een potje moeten plassen? Juist. Dan weet je dat urine vloeibaar is en alle kanten op stroomt. Het leek mij bij voorbaat kansloos om mijn plas druppelloos over het tuitje te sturen.

Maar… nu heb ik de oplossing! Treeplankplassen! Gaat met name op bij auto’s met vier deuren of wanneer je iemand bij je hebt. Je parkeert de auto en trekt aan de bermkant de portieren open. Dan trek je subtiel tussen de portieren je broek naar beneden en gaat op de rand van de portieropening zitten, de treeplank zeg maar. En dan: laat maar lopen die handel. En dan net doen alsof je van het uitzicht zit te genieten of rode bosmieren aan het bestuderen bent. Papiertje er langs en klaar is Klara! Geen gedoe met niet meer overeind kunnen komen, brandnetels of andere ongemakken. En als je goed rekening houdt met de stand van de wind en de hellingshoek van de berm kan je eigenlijk niks gebeuren.

Tip: ga wel genoeg naar voren zitten op de treeplank, anders plas je je bestuurders- of bijrijdersplek vol. En dan zit je alsnog met vlekken op je witte broek. En natte schoenen.

Succes!
Mariëtte

Foto: Martin de Bouter

Dit bericht heeft 2 reacties

  1. Als ik onderweg ben heb ik altijd catheters met opvang zak bij mij voor en achter portier open en op de voorstel leunen. En gewoon op een parkeerplaats. Het gebeurt ook wel als ik met mijn scootmobiel weg ben doe ik het op de stoel deze draai ik naar rechts mijn vrouw houd er dan een handdoek voor. Ik laat me door iets of iemand tegen houren.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *